Proef met dode hoeken
In de theorie leren we dat de onderdrukmachine en ventilatie -opening zo ver mogelijk van elkaar moeten zitten, dit om de verversing in een containment zo goed mogelijk te laten verlopen. Bovendien wordt daarmee voorkomen dat er hoeken zijn die niet of nauwelijks ververst worden. We hebben ons de vraag gesteld, is dit wel zo? We hebben dit aan de hand van een rooktest gesimuleerd.
Deze video bevestigd de gedane metingen.
Bij de eerste meting hebben we de onderdrukmachine en ventilatie-opening diagonaal tegenover elkaar geplaatst.
Vervolgens is de onderdruk op 20 Pa ingesteld en het debiet op 300 m3/h (verversing bijna 6x/uur). In het containment wordt rook ingebracht tot het niveau waarop de photometer 100% aangeeft.
Vervolgens wordt de rookgenerator uit het containment gehaald en wordt gedurende ongeveer 1 uur de concentratie rook op de vijf punten gemeten.
Vier meetpunten bevinden zich boven in de hoeken en één meetpunt in het midden op ongeveer een meter hoogte.
We hebben 4 proeven uitgevoerd.
1. “ideale”situatie bij 20 pascal onderdruk
2. “niet ideale “situatie bij 20 pascal onderdruk
3. “ideale”situatie bij 4 pascal onderdruk
4. “niet ideale”situatie bij 4 pascal onderdruk


Conclusie
Waar de ventilatie opening zit t.o.v. de onderdrukmachine, heeft weinig tot geen invloed op de afname van de concentratie in de verschillende hoeken.
Ook de onderdruk speelt geen rol als het gaat om hoe snel een ruimte “schoon” is, enkel de afzuigcapaciteit van de onderdrukmachine heeft invloed.
